

| Klasse 1A | Mp | Bp | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | |
| 1. | SOPSWEPS'29 | 16 | 48½ | x | 5½ | 5 | 3 | 5½ | 7 | 4½ | 7 | 6 | 5 |
| 2. | Kennemer Combinatie 2 | 15 | 41½ | 2½ | x | 4½ | 5½ | 6 | 4 | 4½ | 4½ | 5 | 5 |
| 3. | SSC 1922 | 11 | 41 | 3 | 3½ | x | 4 | 4½ | 3½ | 7 | 6 | 4½ | 5 |
| 4. | Boven IJ - Nieuwendam | 9 | 34½ | 5 | 2½ | 4 | x | 3½ | 4½ | 2½ | 3½ | 4½ | 4½ |
| 5. | ZSC-Saende | 8 | 37½ | 2½ | 2 | 3½ | 4½ | x | 3½ | 6½ | 6 | 3½ | 5½ |
| 6. | LSG 3 | 8 | 33 | 1 | 4 | 4½ | 3½ | 4½ | x | 5 | 4 | 3½ | 3 |
| 7. | VAS | 7 | 32½ | 3½ | 3½ | 1 | 5½ | 1½ | 3 | x | 5 | 4 | 5½ |
| 8. | Zukertort Amstelveen 2 | 7 | 30½ | 1 | 3½ | 2 | 4½ | 2 | 4 | 3 | x | 4½ | 6 |
| 9. | HWP Haarlem | 6 | 32½ | 2 | 3 | 3½ | 3½ | 4½ | 4½ | 4 | 3½ | x | 4 |
| 10. | Caïssa 3 | 3 | 28½ | 3 | 3 | 3 | 3½ | 2½ | 5 | 2½ | 2 | 4 | x |
Bij het ingaan van de laatste ronde stonden we op een zevende plek, 1 matchpunt voor op Amstelveen 2 en VAS. Alleen als wij zouden verliezen en beide bovengenoemde teams zouden winnen, zouden we alsnog degraderen. Die kans leek ons niet erg groot, maar je weet maar nooit natuurlijk.
We hadden de zaal voor ons alleen deze keer, normaal gesproken spelen we tegelijk thuis met de andere LSG-teams maar die hadden een gezamenlijke slotronde in respectievelijk Hilversum en Wageningen. Dat kwam goed uit, wij waren aan de beurt om de zaal klaar te zetten dus daar hadden we een makkie aan.
Eelco speelde met zwart een vlotte remise tegen Hans Klarenbeek. Achteraf gezien zou hij bij winst de topscorer van klasse 2B geweest zijn, maar Eelco bleek zich niet erg met dit lijstje bezig te houden. Naast mij zat Chris, die speelde een pionoffer in de opening en wit had grote moeite om zich los te werken. Chris offerde een stuk, en dat werd verrassend genoeg beantwoord met korte rokade. Het mocht niet baten, zwart timmerde vrolijk door en nog voor de twintigste zet was het klaar.
Ikzelf speelde ook een lekkere partij. Erik Bark ging experimenteren in een Velimirovic-aanval en dat is wel dapper. Met een stukoffer werd de zwarte koning naar het midden gelokt. Ik had mijn stuk terug kunnen winnen en dan een eindspel met een pion meer in kunnen gaan maar wilde meteen voor het mat gaan. De compensatie voor het stuk was al bijna verdwenen toen zwart nog een fout maakte en mat ging.
Marcel won vlotjes een pion in de opening, maar wist het punt niet te verzilveren. Daardoor werd er weer een remise aan zijn serie toegevoegd. Frans speelde ook remise, niet heel veel gebeurd die partij. Zelf dacht ik dat wit nog wel door had kunnen spelen.
Tussenstand na de eerste tijdcontrole was 3½-1½, met dus nog drie borden over: Ernst die aan bord twee tegen van Schaardenburg de partij prima had opgebouwd. In het middenspel stond hij aanzienlijk beter maar inmiddels zat hij in een eindspel met een kwaliteit minder. Thomas was in het middenspel een pion kwijtgeraakt en zat nu al uren te ploeteren voor een halfje. Op een zeker moment dacht ik dat dat hem nog ging lukken ook. Adinda zat in een toreneindspel met twee pionnen meer.
De tegenstanders (degenen die al klaar waren tenminste) vonden het blijkbaar wel mooi geweest, ik zat in de bar te vluggeren toen er een tegenstander naar me toekwam met een 4-4 aanbod. Afgezien van het feit dat ik niet zo'n liefhebber ben van dit soort acties, vond ik het ook wel een heel mager aanbod. Als ze nou nog drie remises aan hadden geboden had ik er tenminste nog over moeten nadenken. Nu heb ik het aanbod vriendelijk doch beslist van de hand gewezen.
En terecht zoals bleek. Thomas hield het niet droog maar Adinda haalde ondanks haar nog niet perfecte techniek het punt binnen en daarmee ook de matchpunten. Ernst zat als laatste nog te spelen en zag zijn stelling langzaam bergafwaarts gaan. Uiteindelijk bleek het niet meer te houden. Jammer voor Ernst natuurlijk maar het mocht de pret niet echt drukken. Een 4½-3½ overwinning en dus lijfsbehoud, wat de concurrentie ook zou doen.
Bij de Mexicaan aangekomen keken we naar de uitslagen in de poule en zagen we dat onze beide concurrenten inderdaad gewonnen hadden, maar vooral ook dat wijzelf gedegradeerd zouden zijn. Bij ons stond een 3½-4½ nederlaag ingevuld! Snel Koos Stolk gebeld en nog een keer de goede uitslag door ge-sms't. Ik hoop maar dat ze bij HWP Haarlem de onjuiste uitslag nooit hebben gezien heeft want voor hen is het zo wel heel zuur. (*)
We kunnen terugkijken op een prima seizoen, van tevoren waren we een van de degradatiekandidaten en we zijn er toch maar mooi ingebleven.
(*) Helaas was dat niet het geval, blijkens deze tekst op de website van HWP Haarlem: "Wat is dat dan! De uitslagen op de site moeten toch beter bijgewerkt worden. Nu ging ik met een goed gevoel slapen in de wetenschap dat LSG gedegradeerd was. Kijk ik de volgende en wat blijkt 'toch degradatie'. Inderdaad heel erg zuur."
Dat maak je niet vaak mee, dat je in de tweede klasse tegen een ander derde team speelt. We speelden tegen een ander derde team, namelijk Caïssa 3. Caïssa is na de fusie met Max Euwe een club met maar liefst vijf teams in de KNSB! Dat zie je zelden tegenwoordig. Ze spelen in een sportcomplex dat we zonder veel problemen hadden kunnen vinden, maar waarbij het juist binnenin nog een tijdje zoeken was naar de speelzaal. En daar binnenin nog een tijdje zoeken naar welke aanwezige wedstrijdleider "van ons" was. Maar met allemaal loungeplekken in de barruimte, dat dan weer wel.
Eigenlijk waren de voortekenen al niet best. Onze gewaardeerde teamleider Albert Termeulen kon niet meespelen en teamleideren omdat zijn vader had bedacht uitgerekend tijdens deze wedstrijd zijn tachtigste verjaardag te vieren (gefeliciteerd trouwens). Albert had nog geprobeerd om het teamleed wat te verzachten door ons op het station van Leiden uit te komen zwaaien, maar dat kon dit gemis niet meer goedmaken. Gelukkig had hij in de persoon van Thomas Thissen wel voor een prima vervanger gezorgd.
Spannend leek ook of Jan-Aart zou meespelen. Hij zou met ons vanaf Leiden met de trein meereizen, maar wie we ook op het station zagen rondwandelen, geen Jan-Aart. Wij raakten hierdoor niet in paniek, want zoals een teamgenoot terecht opmerkte: "als er een betrouwbare speler in LSG 3 zit, dan is het Jan-Aart wel". Maar ook de stille hoop dat hij op een ander plekje in "onze trein" zou zitten, werd bij het uitstappen de grond ingeboord. Wat was er mis gegaan? Zijn eerste trein was te vroeg (!) vertrokken. De kans op het winnen van de loterij lijkt groter. Waar blijven de beklaagde treinvertragingen als je ze nodig hebt? Gelukkig was hij met zijn auto nog op tijd gekomen.
Caïssa 3 stond op nul matchpunten en kon degradatie niet meer ontlopen. LSG 3 had nog minimaal één matchpunt nodig om zich veilig te weten. Onder het wakend oog van de grote broers van LSG 2 (spelend tegen Caïssa 2), begonnen we aan onze wedstrijd.
Het eerste punt viel nog wel onze kant op. Onze sterinvaller en zesde bordspeler Thomas Thissen won zo snel van Erik Dekker dat ik niets van deze partij had meegekregen. Gelukkig wilde Thomas na afloop graag zijn partij laten zien. Thomas' tegenstander had het waarschijnlijk te passief aangepakt. Volgens Thomas had hijzelf geen echte fouten gemaakt en regelmatig gewonnen, en het zag er inderdaad allemaal zeer overtuigend uit (1-0).
Rag de Graaff leek aan bord 7 met een loperinslag op h7 (geeneens een offer) heel hard te gaan winnen van Aad Roemersma. Oké, het won niet heel hard, maar Rag bleef wel goed staan. Ik weet niet precies wat er misging, maar opeens stond hij een stuk achter (1-1).
Onze door vriend en vijand gevreesde topscoorder Eelco Kuipers trok de stand weer in ons voordeel. Hoe die het doet, doet die het, maar na afloop staat er bij hem altijd een punt. Dit keer tegen Rik Salomons (2-1).
Van de partij van Marcel Wubben heb ik weinig meegekregen. Toen ik een blik op zijn bord wierp leek hij aan bord 3 tegen Francis Lesman best goed te staan. Leek, totdat ik de stukken ging tellen. Dat was er helaas eentje minder voor Marcel (2-2).
Adinda Serdijn had zich aan bord 8 nog aardig teruggevochten tegen Pieter Melford, maar ging toen weer in de fout (2-3). Frans Erwich (bord 5) besloot na een remiseaanbod bij een 2-3 achterstand voor het teambelang door te spelen in een stelling met compensatie voor de pion minder. Tot op dit moment was ik nog teveel met mijn eigen partij bezig geweest om de tussenstand en stellingen van de andere borden in mijn hoofd te hebben. Later zag ik dat Jan-Aart en Ernst alle twee een goede stelling hadden, maar toen had Frans het aanbod al afgeslagen. Jammer dat Frans' lef en opofferingsgezindheid niet beloond werden en hij het hoofd moest buigen voor Dennis Breuker (2-4).
De enige kans op een matchpunt was dat Jan-Aart en Ernst allebei zouden winnen, maar helaas kon Jan-Aart van der Steen tegen Robert-Jan Schaper zijn - op het oog - goede stelling toch niet in winst omzetten. Erger, hij verloor helaas nog (2-5).Gelegenheidskopman Ernst Gevers liet tegenstander Martin Bottema echter zien wat techniek was. Na een uitstekend middenspel, voerde hij een eindspel met een pion meer soepel naar winst. Of hij steeds de kortste winstweg koos waag ik te betwijfelen, maar de overwinning is toch geen moment in gevaar geweest.
Tja, een 3-5 nederlaag dus. Ons team blijft in de degradatiezone, dus de volgende ronde (17 april alweer) wordt spannend.
LSG 3 is zaterdag goed weggekomen met een matchpunt tegen Amstelveen 2. Op papier waren we - voor het eerst dit seizoen - sterker, maar ja, dat is papier.
Rag mocht tegen Esther de Kleuver, de vrouw van LSG'er Mark van der Werf. Het echtpaar Van der Werf had een bijzonder goede dag want in LSG 1 won Mark van Erik van den Doel. Ik dacht eerlijk gezegd dat Rag weer een modelpartij zat te spelen, heel mooi met zwarte pionnen op a6, b6 c6 en d6, gevolgd door een goed getimed b5 en c5, kon ik dat ook maar. Toch stond hij opeens een stuk achter en niet veel later konden de stukken in de doos. 0-1.
Jan-Aart heeft nog niet zo vaak gewonnen dit jaar, maar als hij wint dan is het ook overtuigend. Het deed me een beetje denken aan de 1500 meter van Mark Tuitert, het duurde maar even, maar elke klap was raak. 1-1
Ikzelf dacht na de opening erg goed te staan maar het was toch nog niet goed genoeg. Tegenstander Eric Roosendaal, die ik al ken van meerdere onderlinge ontmoetingen en van een heleboel optredens als wedstrijdleider, verdedigde zich taai en kwam verrassend met een kwaliteitsoffer. Van schrik gaf ik maar snel de kwal terug om een iets beter toreneindspel te bereiken, wat ik vervolgens niet kon winnen. 1½-1½
Aan bord 1 zette Eelco zijn zegereeks voort. Hoe hij nu weer won heb ik niet meegekregen, maar meestal gaat het ongeveer als volgt. Eelco komt wat minder uit de opening, blijft overeind, knokt zich terug in de partij en wint ergens tussen de dertigste en veertigste zet beslissend materiaal. 2½-1½
Adinda had wit gekregen omdat ze daar nog honderd procent mee had, maar het is nu bewezen dat ze toch verslagen kan worden. Ze wilde er na afloop niet over praten. 2½-2½
Ernst was aan het experimenteren in de opening, nu doet hij dat wel vaker en ook vaak met succces, maar dit seizoen lijkt het allemaal een beetje tegen te zitten. Uiteindelijk kwam hij in een paard tegen loper-eindspel terecht dat niet te houden was. 2½-3½
Marcel dreigt dit jaar onze remisekoning te worden. Hij was naar eigen zeggen goed bezig aan bord 4 maar gaf opeens een kwaliteit weg. Daarna wist hij wist nog net een halfje binnen te slepen, het vijfde op rij... 3-4
Als laatste was Frans nog bezig met wit aan bord 8. Geen wonder dat dit de langste partij was, want er was op dit bord een enorme pionnenketen neergezet, waarachter beide partijen diepzinnige manoeuvres uithaalden. Dat deed zwart het beste en in de tweede tijdnoodfase was de winst voor zwart dichtbij. Een kritiek moment was toen er een zetherhaling in de stelling kwam. Frans wist dat hij moest winnen om nog 4-4 te halen en ging de zetherhaling uit de weg. De complicaties tezamen met de druk van de klok werden de zwartspeler te veel en hij koos een verkeerde afwikkeling, waarbij hij een kwaliteit kwijtraakte. Vervolgens tikte Frans erg soepel de partij uit en sleepte daarmee een belangrijk matchpunt uit het vuur. Klasse Frans!
Met nog twee wedstrijden te gaan staan we 1 matchpunt voor op HWP Haarlem en 3 op Amstelveen. Als er geen hele gekke dingen gebeuren gaan we ons keurig handhaven in de tweede klasse.
Het was volle bak in Haarlem. In het lokale denksportcentrum werden 5 schaakwedstrijden afgewerkt, een schaaktoernooi en waren er ook nog dammers actief.
Net als vorig jaar speelde LSG III een tegen Kennemer Combinatie II. Waar vorig jaar nog soepel gewonnen werd stonden de zaken er deze keer heel anders voor. KC II had slechts een maal verloren en wel tegen SOPSWEPS. Naast deze wedstrijd in 2B was er ook een heuse topwedstrijd in 2C aan de gang: KC I tegen Charlois Europoort. Deze beide teams hebben een goede mix van ervaren spelers en (zeer) talentvolle jonge spelers. Beide verenigingen zijn klaar om in de eerste klasse KNSB uit te komen en zijn dus gebrand op promotie. De belangen bij deze wedstrijd waren dan ook groot, omdat alleen bij winst van CE zij nog een kans(je) zouden maken.
Terug naar onze eigen wedstrijd. LSG III speelde in de vertrouwde opstelling. Dat deze ook bij de tegenstanders vertrouwd begint te raken bleek wel uit het feit dat op meerdere borden een goed voorbereide tegenstander werd getroffen.
Als eerste was Marcel klaar (bord 6). Na een solide opzet met zwart stond hij na de opening een tikje beter. Na flinke afruil werd zijn remiseaanbod door de tegenstander geaccepteerd (½-½).
Op bord 5 zat onze nestor zijn solide schaak te spelen. Zijn tegenstander ging die avond waarschijnlijk afdansen en had alvast zijn pak daarvoor aangetrokken. Deze glom zo erg dat je er zonder problemen je haar in kon kammen. Of het door de oogverblindende tegenstander kwam, of door andere oorzaken is onduidelijk, maar de aanval van Rag werd simpel afgeslagen en de tegenstander tikte het fraai uit (1½-½).
Frans (bord 8) kreeg een zeer speculatief gambiet tegen zich. De witte activiteit was overweldigend, maar Frans hield het hoofd koel en kwam langzaam maar zeker beter te staan. Waar wit het precies fout deed is mij niet bekend, maar Frans rondde fraai af (1½-1½).
Aan bord 3 speelde Ernst tegen een sterke tegenstander een rustige partij. De pionnenstructuur aan de koningsvleugel was redelijk in elkaar geschoven, wat veel laveerwerk opleverde. Gehinderd door snel wegtikkende tijd en in een al wat mindere stelling tastte Ernst mis (2½-1½).
Het volgende bord waarop een beslissing viel was bij onze kopman Albert. In deze partij was door vriend en vijand het punt al geteld voor de Haarlemse. Ondanks stevige materiaalachterstand en een open koningsstelling wist onze captain de zwakke plekken in het zwarte kamp zo goed uit te spelen dat er een simpel remise-eindspel overbleef (3-2). Klasse.
Van de partij van Adinda (bord 7) heb ik niet veel gezien. In het middenspel veroverde Adinda een stevige pluspion, maar na iets beter spel van haar tegenstander had ze in een penibele stelling kunnen geraken. In wederzijdse tijdnood reageerde ze evenwel alerter en heroverde het initiatief. Eenmaal zo ver gekomen sloeg ze remise af om vier zetjes later de partij te partij in Leids voordeel te beslissen (3-3).
Aan bord 4 zat ondergetekende al snel tegen een prima stelling aan te kijken. De gambietpion was teruggewonnen en het centrum werd gecontroleerd met zwarte pionnen op d5 en e5 (de mensen die mijn zwartrepertoire kennen weten wat een prestatie dit is). Een remiseaanbod in het middenspel werd, na overleg en een evaluatie van de overige stellingen, afgeslagen. In een afwikkeling die daarna volgde tastte ik mis en kwam in een verloren eindspel terecht, wat voor de 40ste zet werd beslecht (4-3).
Daarna was het de beurt aan onze topscoorder. Na een provocerende openingsopzet gingen de witten op zoek naar ruimte en mooie posities voor de lichte stukken. Een harde counter en een goed gespeelde tijdfase (met een fraaie afronding) zorgde voor het zoveelste punt van de Kuip (4-4). De CM titel is inmiddels aangevraagd en het lijkt slechts een kwestie van tijd voordat de 2400-grens genomen gaat worden.
Zo hadden we na 4 uurtjes spelen weer een matchpunt in de tas. Nog twee erbij en wij zijn zeker veilig. Na de baromzet wat te hebben opgekrikt en ons te hebben vermaakt met de partij van Albert zijn we, alvorens naar Leiden af te reizen, nog even gaan kijken bij de wedstrijd tussen KC I en EC. Dit leek een redelijk gelijkopgaande strijd te zijn, met nog een paar borden bezig. Op dat moment schatte ik een kleine overwinning in voor de Haarlemmers. Na een bijzonder tumultueus einde (op en naast het bord) zijn de Rotterdammers met de matchpunten naar huis gegaan (3½-4½). Of er ook een serieus protest is aangetekend weet ik niet, maar met de beschuldigingen van computergebruik (! Een hele zware claim, lijkt mij), irritant gedrag (hard hoesten, dit kan ik overigens beamen) etc. lijkt dit muisje nog een staartje te gaan krijgen.
We hebben de smaak te pakken met LSG III. Tegen SSC 1922 uit Soest behaalden we een min of meer regelmatige overwinning: 4½-3½.
De aanloop naar de wedstrijd was verre van ideaal. Vrijdag meldde Rag zich ziek af, zodat er nog eventjes een invaller (liefst met auto) opgetrommeld moest worden. Gelukkig werd Marco de Mooij bereid gevonden om te spelen. En de reis naar Soest zelf viel ook niet mee, ik dacht dat we aardig wat speling hadden maar we kwamen op de heenreis in een flinke file terecht, op dat moment de enige file in Nederland. We waren uiteindelijk ongeveer een kwartier te laat en het bleek dat de wedstrijdleider nog tien minuten gewacht had met het aanzetten van de klokken zodat de opgelopen tijdsachterstand erg meeviel.
De wedstrijd dan. Aan bord 1 ging Ernst voor de schoonheidsprijs tegen Helgason. Hij plaatste een fraai uitziend schijnoffer, dat door zwart met wat handige zetten werd omgezet in een echt offer. Dat betekende dus stuk kwijt en dus een nederlaag.. Marco de Mooij was dus op het laatste moment opgetrommeld om in te vallen voor de zieke Rag. Hij kwam met wit prima uit de opening, maar kon daarna geen goed plan meer bedenken en zag zijn stelling 'vanzelf' verslechteren. Dat ging net zo lang door totdat de nul op het scorebord stond.
Jan-Aart zat dit keer met zwart aan bord 4 en speelde een lekkere partij. Al direct na de opening zag het er allemaal erg goed uit. Wit moest al snel een kwaliteit geven om overeind te blijven. Met een stukoffer ging zwart er alsnog vlotjes doorheen. Schaken lijkt soms zo makkelijk. Adinda werd geconfronteerd met de Dillworth, een variant binnen het Open Spaans waar zwart twee stukken geeft voor een toren, en waarin wit meestal erg veel moeite heeft om zijn stukken los te werken. Niet gehinderd door enige openingskennis bevrijdde Adinda zich schijnbaar moeiteloos om vervolgens met nog een combinatie een kwaliteit te winnen. Daarna was het niet moeilijk meer.
Marcel kwam met zwart vanuit een 1. d4 opening in een Siciliaans-achtige stelling terecht. Dat is even wennen als je al je hele leven Frans speelt. Maar het lukte hem om ook hier een betonstelling van te maken, na een zetje of dertig schuiven en af en toe een stukje ruilen werd de vrede getekend.
De voorgaande partijen waren allemaal al na een uurtje of 3 beslist, zodat we de tijdnoodfase ingingen met een 2½-2½ tussenstand
Frans aan bord 8 was heel goed uit de opening gekomen, toen ik na een zetje of twaalf langsliep stonden zo ongeveer alle witte stukken weer op de onderste rij. Wat er daartussen allemaal gebeurd is weet ik niet precies. Ik begrijp dat Frans heel goed bleef staan maar in lichte tijdnood en in 'gewonnen' stelling zich pardoes mat liet zetten.
Ikzelf speelde weer een rare partij. Kort na de opening had mijn tegenstander het verkeerd gedaan zodat ik met allerlei stukken de zwarte stelling binnen kon komen. Zwart zag zich genoodzaakt een kwal te geven. Vervolgens had ik erg veel moeite om die kwal te gelde te maken. In tijdnood probeerde ik mijn tegenstander te trucen maar de enige die getruct werd was ikzelf. Hoe het kan weet ik nog steeds niet maar opeens dreigde ik toch weer mat en wel zodanig dat zwart het allemaal niet meer zag en zijn tijd liet lopen. Zoals mijn tegenstander na de post mortem zei "Het is me nu wel duidelijk dat je er niets van kunt". Gelijk heeft-ie.
Na vier uur spelen was dus alleen sterspeler Eelco met zwart nog bezig aan bord 2 tegen Eric de Haan. Tussenstand 3½ - 3½ Er is een hoop gebeurd in die partij. Eelco offerde een pion en een kwaliteit, kreeg alles weer terug, maar niet met rente. In tijdnood (lichte voor wit en zware voor zwart) blunderde wit en Eelco was er als de kippen bij om een stuk op te halen. Daarna moest het eindspel nog eventjes gewonnen worden, maar dat is Eelco wel toevertrouwd.
Eindstand 4½ - 3½ en dus weer twee lekkere matchpunten in de tas!
LSG 3 heeft zaterdag zijn eerste overwinning van het seizoen behaald. Na in de twee voorgaande ronden beide keren met het kleinst mogelijke verschil te hebben verloren, zaten we nu een keer aan de goede kant van de score. Dat ging niet vanzelf, en de 5-3 overwinning had ook best een 5-3 (of erger) nederlaag kunnen zijn.
We begonnen goed, met Marcel die aan bord 8 in 19 zetjes van Joris van Vuure won (zie partij). Rag werd geconfronteerd met zijn eigen systeem en had daar weinig moeite mee, al snel stond zwart comfortabel. Frans had het met wit erg moeilijk tegen Tex de Wit, al na een paar zetten zag de witte stelling er bedenkelijk uit. Zelf bereikte ik met zwart niets tegen last-minute invaller Rob van Dongen. Bij Eelco heeft het nooit nut om te gaan kijken, want de beslissing in zijn partij komt toch altijd pas laat. Een snelle overwinning of nederlaag van hem kan ik me niet herinneren, en een snelle remise eigenlijk ook niet.
Jan-Aart mocht het opnemen tegen Hilke van den Berg en nam een pionoffer aan, dat was ook wel goed maar even later bleek dat zwart toch wel veel compensatie had. Adinda, met wit op 6, trapte al snel in een kindertruc, die een pion kostte. Een beetje spel had ze nog wel maar ik werd er toch niet erg vrolijk van. Ernst speelde met zwart tegen beroemdheid Lex Jongsma een solide partij, voorzover ik kon beoordelen is het evenwicht nooit verbroken geweest.
Nog voor de tijdnoodfase raakte Rag een kwaliteit kwijt, maar in het resterende eindspel bleek hij in zijn vrije a-pion voldoende compensatie te hebben. Vervolgens bezweken onze twee witspelers Frans en Jan-Aart allebei, ik heb niet precies gezien hoe, zodat we een punt achterstonden.
Eelco bracht de stand weer op 2½ - 2½ door vanuit een duw-en-trekstelling opeens een stuk te winnen tegen Aran Kohler, en Ernst speelde remise, al ging daar nog een onterechte remiseclaim van Jongsma aan vooraf.
Ikzelf ging te ver in mijn winstpogingen en ging een combinatie in waar een enorm lek in zat, gelukkig geloofde mijn tegenstander me en kwam ik na nog wat verwikkelingen terecht in een gewonnen eindspel dat ik, geheel tegen mijn gewoonte in, keurig afspeelde.
Bleef alleen nog over Adinda. Die had zich mentaal al snel hersteld van het pionverlies in de opening en speelde onverdroten door. Tegenstander Victor Hendriks besloot tot een kwaliteitsoffer om de witte weerstand te breken. Nu schijnt het dat zwart inderdaad meerdere keren had kunnen winnen, maar zoals het ging bleef Adinda steeds wankelend overeind.
Heel LSG 3 en heel VAS stonden samengedromd om het laatst overgebleven bord en keken toe hoe Adinda ook nog een kleine kwaliteit won, inmiddels in de tweede tijdnoodfase. Normaal gesproken kon het nu niet meer misgaan, maar zwart had nog wel een lastige vrijpion en de klok tikte door. Adinda hield het hoofd koel, maakte de zwarte vrijpion onschadelijk en zette vervolgens zwart ook nog eens mat! Daarmee waren de matchpunten binnen en was Adinda de held.
E. Kuipers - A. Kohler 1-0 J.A. van der Steen - H. van den Berg 0-1 E. Gevers - L. Jongsma 0½-0½ F. Erwich - T. de Wit 0-1 R. de Graaff - P. Tromp 0½-0½ A. Serdijn - V. Hendriks 1-0 A. Termeulen - R. van Dongen 1-0 M. Wubben - J. van Vuure 1-0Partij Marcel
1. d2-d4 d7-d5 2. c2-c4 Pb8-c6 3. Pb1-c3 d5xc4 4. Pg1-f3 Pg8-f6 5. Lc1-g5 Lf8-g4 6. e2-e3 e7-e5 7. d4xe5 Dd8xd1 8. Ta1xd1 Lg4xf3 9. g2xf3 Pf6-d7 10. Pc3-b5 Ta8-c8
(Hier had in elk geval 10..Lb4 11 Ke2 La5 gemoeten)
11. Td1xd7!
Dit heeft zwart ongetwijfeld gemist
11... Pc6xe5 12. Td7xc7 Tc8xc7 13. Pb5xc7 Ke8xd7 14. Lg5-f4 Lf8-d6 15. Pc7-b5 Pe5xf3 16. Ke1-e2 Ld6xf4 17. Ke2xf3 Lf4-e5 18. Lf1xc4 a7-a6 19. Pb5-d4 Zwart geeft op.
Was LSG 3 vorig jaar ons best draaiende KNSB-team met een verdienstelijke vierde plaats in het eindklassement, dit jaar is de teamsamenstelling totaal gewijzigd. Van het team van vorig jaar zitten alleen nog maar Eelco Kuipers en Rag de Graaff in de selectie. Veel mensen die vorig jaar nog vast in een team zaten, zijn dit jaar alleen maar af en toe beschikbaar als invaller. Hierdoor zijn drie mensen die vorig jaar LSG 4 naar degradatie hadden geholpen, nu beloond met een plaats in een hoger team. Dit alles resulteert erin dat er slechts twee teams zijn met een lager ratinggemiddelde dan LSG 3. Grappig is wel dat aangezien veel LSG'ers dit jaar niet vast in een team kunnen spelen maar eventueel wel eens willen invallen,het een versterking kan zijn als een van onze vaste spelers vervangen wordt.
26 september was de eerste KNSB-wedstrijd. Wat als eerste opviel was de enorme leegte in de speelzaal, nu LSG 4 en 5 helaas het KNSB-veld hebben moeten verlaten. Hopelijk zien we een van de teams volgend jaar weer terug op de zaterdagen.
We speelden de eerste ronde tegen Het Witte Paard Haarlem, het team dat twee en drie jaar geleden nog door LSG 4 verslagen werd. Wij begonnen gelijk niet al te best doordat we teamcaptain Albert Termeulen moesten missen, gevreesd bij Het Witte Paard na zijn overwinning op Taco Vrenegoor. Gelukkig hadden we in Chris Roosendaal een prima vervanger.
Maar hoe ging de wedstrijd? De eerste uitslag viel aan bord 7 bij Frans Erwich. De uitstekende vorm die Frans Erwich vorig jaar in LSG 4 had laten zien, heeft hem deze ronde helaas in de steek gelaten. Frans werd met fluwelen handschoenen door tegenstander Pieter de Jager van het bord geduwd. Frans' stelling verslechterde steeds, een pion achterstand werden er twee, en het kwam vast als een opluchting dat hij na een kwaliteitsverlies kon opgeven en de partij verder kon vergeten (0-1). Hierop volgde een nederlaag van onze derde bordspeler Ernst Gevers tegen Bart Gijswijt. De meningen over waar het was misgegaan verschilden. Volgens Ernst had hij prima gespeeld, alleen een bepaalde zet gemist. Volgens Eelco was zijn nederlaag geheel te wijten aan het feit dat hij zijn loper van c8 niet goed genoeg aan het bord had vastgelijmd (0-2).
Adinda Serdijn -op het laatste moment aan de selectie toegevoegd na het terugtrekken van Ik Oei- opende aan het staartbord de score voor LSG. In een partij waarin zij ten koste van haar koningsstelling een pion won (latere opmerking van de webmaster: "Wát??? Sloeg je echt die pion???"), beleefde ze enige benauwde momenten. Tegenstander Eduard Leinwand kon haar stelling gelukkig niet kraken en Adinda kon een tegenaanval inzetten die later tot mat leidde (1-2).
Het gebeurt zeer zelden dat Albert verstek moet laten gaan, maar deze keer was hij er toch echt niet bij. Gelukkig hebben we in Chris Roosendaal een prima invaller die aan bord 5 Paul Lieverst liet zien het schaken nog lang niet verleerd te zijn. Hij speelde met een kwaliteit meer, en ondanks zijn eigen ontevredenheid over zijn vertoonde spel (veel te veel vergooid in tijdnood) ging hij wel met een vol punt naar huis (2-2).
Marcel Wubben leek aan bord 6 op een overwinning af te stevenen. Marcel dwong zijn tegenstander Max Merbis tot een paardoffer dat Marcel op maar liefst drie manieren kon aannemen. Zoals hij na afloop meerdere malen liet zien was één daarvan gelijk winnend. U raadt het al: hij speelde een andere zet, die er optisch inderdaad heel goed uitzag, maar toch meer problemen opleverde dan voorzien (2-3).
Iets dergelijks overkwam Rag de Graaff, die ook zo mooi was begonnen. Hij speelde aan bord 4 tegen Jan Willem van Prooijen en kwam na de opening goed tot gewonnen te staan. Waar het fout ging weet ik niet precies, maar hij belandde in een toreneindspel met een pion minder. Als iemand dit zou kunnen keepen is het Rag wel, maar ik werd later gealarmeerd door het trotse rondkijken van zijn tegenstander. Het toen verschenen eindspel van dame tegen toren was inderdaad weer een stuk lastiger en dit redde Rag dan ook niet (2-4).
Nu lag de laatste kans op een matchpunt in handen van Eelco en Jan-Aart. Gelukkig hebben we een kopman die altijd zijn hoofd koel houdt, en dan nog vooral in tijdnood. Eelco Kuipers speelde tegen de ratinghoogste, Andras Balint, een minder goed verlopen opening. Dit deed hij vast om de spanning er langer in te houden, want in de tijdnoodfase ging hij er onder het bewonderend oog van vriend en vijand dwars doorheen (3-4).
Zou onze tweede bordspeler Jan-Aart van der Steen voor het matchpunt gaan zorgen? Het kon nog. Jan-Aart speelde tegen René Duchêne en stond in een eindspel van beiden een loperpaar een pion voor. Toch leek Renee door zijn verder opgerukte pionnen de beste kansen te hebben. Misschien heeft Jan-Aart wel een kans gemist, maar met de behaalde remise leek hij toch geen reden tot klagen te hebben (3½-4½).
Jammer dat we verloren hebben, maar er is vooralsnog geen reden voor wanhoop. Volgende ronde spelen we tegen Boven IJ - Nieuwendam en dan staan we er gewoon weer.
| LSG 3 | HWP Haarlem | 3½-4½ |
|---|---|---|
| Eelco Kuipers | Andras Balint | 1 - 0 |
| Jan-Aart van der Steen | René Duchêne | ½-½ |
| Ernst Gevers | Bart Gijswijt | 0 - 1 |
| Rag de Graaff | Jan-Willem van Prooijen | 0 - 1 |
| Chris Roozendaal | Paul Lieverst | 1 - 0 |
| Marcel Wubben | Max Merbis | 0 - 1 |
| Frans Erwich | Pieter de Jager | 0 - 1 |
| Adinda Serdijn | Eduard Leinwand | 1 - 0 |