Heroïsche overwinning van LSG 3

Het roemruchte derde team van het illustere Leidsche Schaakgenootschap heeft geschiedenis geschreven door reeds een ronde vóór het einde het kampioenschap op te eisen. LSG 3 is kampioen geworden in de derde klasse van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond en zal derhalve in het seizoen 2017/2018 in de tweede klasse uitkomen.

Op zaterdag 1 april 2017 werd de naaste concurrent, de Alphense Schaakclub, in een rechtstreeks duel verslagen. Alphen aan den Rijn, een stad met 70.000 inwoners, stuurde de beste acht schakers naar Leiden. Een zeer zware delegatie onder aanvoering van de 19-voudige Alphense kampioen – de gevreesde Dinard van der Laan (Elo 2268). Naast hem ook oud-kampioenen Norbert Jansen (2017), Clement van de Laar (2041) en Martin van Gils (1915), aangevuld met de crème de la crème uit de Alphense schaakscene: Eric Fraikin (2036), Paul de Vries (2002), Wouter Hennink (1971) en Sander de Groot (1941).

Dit was een serieuze wedstrijd met een vooraf onmogelijk te voorspellen uitslag. We hielden rekening met een verlies, hoopten op een gelijkspel, maar probeerden óók te winnen. Juist die enorme wilskracht om te winnen, kenmerkt het karakter van de spelers van LSG 3. Laat ik de spelers even aan u voorstellen:

Robert Straver (“Straaf”), 44 jaar, 2101 Elo, score 5½ uit 8. De onvermoeibare aanvoerder die het hele zooitje toch altijd maar weer bij elkaar weet te houden. Zijn spel kenmerkt zich door diepzinnigheid, onverzettelijkheid en een ijzersterke conditie.

Eelco Kuipers (“Kuip”), 40 jaar, 2309 Elo, score 7 uit 8. De grote inspirator van dit team. Heeft een hekel aan de witte stukken en wil die daarom het liefst met zwart verslaan. Beschikt over een mysterieuze speelstijl die voor de meeste tegenstanders én omstanders onbegrijpelijk is.

Vincent Fructuoso van der Veen (“Fruc”), 42 jaar, 2149 Elo, score 6 uit 7. Natuurtalent en ruggengraat van het team. Zijn grote motivatie, wilskracht en inzicht verklaren de altijd hoge score. Tegenstanders weten vaak niet waarom ze verloren hebben.

Quirinius van Dorp (”Q”), 40 jaar, 2103 Elo, score 6 uit 8. Als je Q ziet spelen, dan ervaar je een grote kracht, een enorme agressie en vooral veel lef. Speelt vaak een hoofdrol in de uiteindelijke uitslag van een teamwedstrijd.

Ernst Gevers, 45 jaar, 2010 Elo, score 2 uit 8. Belangrijke teamplayer voor wie het teamresultaat belangrijker is dan persoonlijk succes. Deze tweevoudige academicus beschikt over een zeer diep concentratievermogen.

Marcel Mol, 45 jaar, 2076 Elo, score 3½ uit 7. Een relatief nieuwe aanwinst in de gelederen van LSG. Een zeer gedreven speler die altijd wil winnen. Zijn spel is explosief en dominant. Wij verwachten nog meer van Marcel in het komende seizoen.

Albert Termeulen, 51 jaar, 2054 Elo, score 5 uit 8. Een ervaren veelspeler met pieken en dalen. Het is een genot om zijn partijen te zien, ook in de analyse achteraf. Schaakt zoals men hoort te schaken. Chaotisch en geniaal tegelijk.

Jan Hellenberg, 56 jaar, 1954 Elo, score 3½ uit 8. Standvastige speler die moeilijk is te verslaan. Als hij verliest, dan slechts na lange strijd. Wordt levensgevaarlijk in het eindspel.

Alvorens we overgaan naar het verslag van de wedstrijd, geef ik u eerst de volgende stelling om over na te denken. Zwart is aan zet en staat precair. Weliswaar heeft hij een extra pion, maar hoe kan hij stukverlies voorkomen? We komen hierop terug in de loop van het verhaal.

De wedstrijd ASC 1 – LSG 3 begon met een onfortuinlijk incident. Hoewel het dus formeel voor LSG een uitwedstrijd was, speelden we op verzoek van ASC toch in het vertrouwde Denksportcentrum in Leiden. Wij bedanken onze zustervereniging S.C. Oegstgeest ’80 voor de gastvrijheid in de speelzaal en arbiter Jan van den Ende voor zijn begeleiding en advies. Onze eigen wedstrijdleider was er namelijk nog niet om 13.00 uur. Hij was samen met drie andere Alphenaren betrokken in een aanrijding op de weg, vlakbij de speelzaal. Hierdoor moesten deze drie Alphense spelers uiteindelijk met een flinke tijdachterstand aan hun partijen beginnen.

Om 13.05 uur waren er echter vijf Alphenaren en hun wedstrijdleider aanwezig en konden de klokken worden gestart. De combattanten brachten hun repertoire op het bord. Een Caro-Kann, een Franse verdediging, een Pirc, een Damegambiet en een Oud-Indiër. Later zouden daar een Catalaan, een Koningsgambiet en nóg een Pirc aan toegevoegd worden. Een bloemrijk geheel, waaruit direct duidelijk werd dat er om iedere centimeter gestreden zou worden vandaag.

Het duurde lang voordat de eerste beslissing viel. Een nederlaag voor Marcel, onze man op bord 7. Hij had zijn witte stukken zodanig gemanoeuvreerd dat zij driekwart van het bord controleerden. Dat zag er aanvankelijk dus goed uit, maar de ervaren Martin van Gils liet zich niet zonder meer aan de kant zetten. Met een listige paardzet naar een gedekt veld, stelde de Alphenaar Marcel voor een dilemma. Moest hij nu een pion of een kleine kwaliteit winnen? Onze speler koos voor het eerste en had diep gerekend. Hij offerde aansluitend een vol stuk voor twee pionnen met het idee dat hij een verdwaald zwart paard later zou terugwinnen. Maar op een of andere manier wist Van Gils dat paard lange tijd toch te handhaven. Hij stelde Marcel steeds weer voor nieuwe probleempjes en het eind van het liedje was dat de witspeler het definitief met een stuk minder moest zien te rooien. Van Gils liet zich echter niet meer van de wijs brengen en noteerde het eerste punt (1-0).

Inmiddels waren ook de drie resterende partijen gestart. Op bord 1 moest Clement van de Laar zijn eerste zet uitvoeren toen er op de klok al 45 minuten verstreken waren. Hij was daardoor gedwongen zeer snel te spelen, maar dit pakte tegen de gedegen Ernst Gevers wonderwel toch goed uit. Het is voor de andere speler niet altijd een voordeel wanneer de tegenstander te laat komt. In eerste instantie kreeg Ernst wel zijn geliefde positie op het bord, maar gezegd moet worden dat Van de Laar het gewoon handig verdedigde. Met een fraai paardoffer bracht hij onze man in zeer moeilijke problemen. Helaas lukte het Ernst niet om de zaak droog te houden (2-0).

Deze achterstand zag er op papier ernstiger uit dan hij in werkelijkheid was. Op de resterende zes borden beschikten wij namelijk over gelijke tot zeer voordelige stellingen. Er zouden nog drie beslissingen vallen vóór de tijdcontrole, welke door het merkwaardige speeltempo rond 16.40 uur plaatsvond.

Het eerste punt aan onze kant werd aangetikt door good old Albert Termeulen. Ook hij had een speler getroffen die helaas drie kwartier was vertraagd. Maar Albert is een aanvallende speler die zijn tegenstander het liefst direct naar de keel vliegt. En verdedigen met minder tijd is, zoals bekend, een lastige zaak. Toch bleef Wouter Hennink, die de zwarte stukken dirigeerde, keurig overeind. Alleen was er aan het eind van de tijd nog een stuk stelling over. En dan moet je nu eenmaal zetten blijven doen. Dan maar de koning naar voren, dacht Hennink, maar hij liep daarbij vast in een matnet (2-1).

Kuip bracht de gelijkmaker op het bord met weer een van zijn ondoorgrondelijke partijen. Kijken naar een partij van Eelco is vergelijkbaar met het kijken naar een Drentse zwerfkei. Er gebeurt niets – althans, er lijkt niets te gebeuren. Maar als je weggaat en een kwartiertje later wéér gaat kijken, blijkt dat de zwerfkei toch een paar centimeter is verplaatst. En dit gaat dan zo de hele middag door totdat aan het eind de tegenstander is verpletterd (2-2).

Vincent moest tot zijn eigen frucstratie een half punt afstaan aan Fraikin. Een vingerfout van de LSGer in de opening leidde tot een symmetrische stelling met gelijk materiaal. Vincent probeerde drieënhalf uur tevergeefs door Alphense muur heen te breken. Toen alles was vastgelopen en de zetten herhaald werden, restte hem niets anders dan de remise te aanvaarden (2½-2½).

Een gelijke stand en op de klokken weer een half uur per persoon erbij. Als waarnemend teamcaptain was ik optimistisch over de vooruitzichten, want onze drie borden zagen er gezond uit. Q stond op bord 2 nog steeds overeind tegen Dinard van der Laan, Robert had een licht voordelig toreneindspel op bord 6 tegen Paul de Vries en Jan had zelfs groot voordeel op bord 8 tegen Sander de Groot. Ook met een 4-4 gelijkspel zouden we tevreden zijn, maar misschien zat er méér in vandaag.

Het wonder van Q

Heeft u ondertussen het antwoord al gevonden op de vraag hierboven bij de diagramstelling? Op een of andere manier lukte het Quirinius om bovenstaande stelling om te toveren naar de volgende:

Ja, inderdaad: het witte paard en een zwarte pion zijn allebei verdwenen! Q had een stuk veroverd staat nu gewonnen. Twaalf zetten later mocht hij van Dinard de welgemeende felicitaties in ontvangst nemen (2½-3½).

Dat was natuurlijk het keerpunt in deze beladen wedstrijd. Nog slechts een half bordpunt hadden we nodig voor een matchpunt, maar in deze fase wilden we het volle pond. Robert was al anderhalf uur de remise aan het vermijden, maar de vraag was hoe lang hij zich dit zonder risico zou kunnen blijven permitteren.

Gelukkig bracht Jan verlichting. Juist vandaag speelde hij misschien wel een van zijn beste partijen van dit seizoen. Al vroeg had hij het initiatief naar zich toegetrokken door een kunstzinnig schijnoffer van zijn dame. Hieruit volgde een mooie strijd met tegengestelde rokades, waarbij Jan zijn stukken steeds iets handiger neerzette dan zijn tegenstander Sander de Groot. Toen zich de mogelijkheid voordeed om door middel van een petit combination een pion buit te maken, aarzelde Jan geen seconde. Hij won zelfs een tweede pion, maar gaf er ook eentje terug, om af te kunnen wikkelen naar een gewonnen eindspel. Dit werd met de hoogst mogelijke nauwkeurigheid naar winst gevoerd (2½-4½). Jan won dus niet alleen zijn eigen partij, maar ook de twee matchpunten en daarmee het kampioenschap! Tenslotte bepaalde Robert met een gecontroleerde plusremise de einduitslag op 3-5.


Rest mij nog slechts u de gelegenheid te geven het “wonder van Q” zelf na te spelen. Ik geef de partij zonder veel commentaar, zodat u zichzelf kunt verwonderen over de gang van zaken. Een juweel van een partij en een mooie kroon op een groots kampioenschap!

Geplaatst in KNSB, LSG 3
4 reacties op “Heroïsche overwinning van LSG 3
  1. Justin schreef:

    Gefeliciteerd heren! Op naar de 2de klasse.

  2. Martin schreef:

    Gefeliciteerd mannen! Tot volgend seizoen

  3. Edwin schreef:

    Mooi verslag Eric. Net zo’n goede teamleider als invaller dit jaar! 100% toch?
    En het team uiteraard van harte gefeliciteerd!

  4. Eric schreef:

    Dank je, Edwin! Als invaller heb ik inderdaad 4 uit 4, maar tegen relatief zwakke tegenstand. Nu het tweede en derde kampioen zijn geworden, hoop ik dat dat het eerste ook gaat lukken! Het kan nog steeds 🙂