Eerste, onnodige, nederlaag LSG 4

Afgelopen zaterdag speelden wij, het vierde team, tegen het tweede van DD. Helaas verloren wij onnodig.
We begonnen wel goed. Leendert Pols bracht ons met wit op een 1-0 voorsprong. Bij hem kwam een soort doorschuifvariant op het bord met scherp spel. Na een zet of 20 opende zwart met f5 voorbarig de stelling. Een verrassende aftrek-zet (zonder schaak) als antwoord bracht twee verschillende, elkaar kruisende penningen in de stelling. Tot nog toe had zwart vrijwel a tempo gespeeld. Het dreigende verlies van een kwaliteit was voor hem het sein om te gaan nadenken. Dat was natuurlijk te laat. Na nog wat zetten verloor hij nog een stuk en was het echt uit. Het gaf Leendert de gelegenheid om wat historie van het Schaakgebouw op te snuiven en rond te kijken in de sfeervolle speelzaal. Een interessant feitje kwam aan het licht, namelijk dat volgens het wandbord met koperen naamplaatjes in het seizoen 1937/38 ene Wim Euwe clubkampioen van DD was. Familie van?
Kort daarna bracht Reinier Feiner met wit ons op 2-0. Hij had de tegenstander waarop hij zich voorbereid had. Hoe hij precies won weet ik niet maar ik zag vlak daarvoor een dubbelpion op de a-lijn van zwart, een witte loper op h6 en wit had de f-lijn.
Daan Binnendijk verloor daarna met zwart in een voor hem niet mindere stelling een stuk en de partij. Dat betekende 2-1.
Marcel de Jeu speelde daarna met wit remise. Na 1. c4 kwam hij in een klassieke Draak met verwisselde kleuren terecht, waarin wit een lichte druk kon opbouwen. Op zet zestien ging wit in op een afwikkeling die een toren en twee pionnen opleverde voor twee paarden. Een klein materiaal plusje dus, maar de zwarte lichte stukken werkten goed samen in een wat onduidelijke stelling, waarin al snel beide koningen zich niet meer helemaal senang voelden. Uiteindelijk werd op zet 31 de vrede getekend na zetherhaling in een stelling waarin beide spelers het idee hadden deze niet uit de weg te kunnen gaan. De analyse na de partij gaf ze daarin ook gelijk. Dat betekende 2,5 – 1,5.
Daarna speelde ik met zwart remise. Ik kwam niet echt in de problemen maar kon ook niet veel uitrichten. Toen de tegenstander op zet 30 met b5 de stelling forceerde kwam ik gewonnen te staan. In tijdnood miste ik op zet 36 de winnende zet Ta2 die Leendert langs de lijn wel had gezien. Remise dus en een 3-2 voorsprong. Nadat ik klaar was de overige stellingen bekeken. Frans Erwich stond gewonnen, maar Henk van der Scheer en Folkert Geertsma stonden verloren. Dus een 4-4 eindstand leek logisch, maar………
Frans kreeg met zwart Spaans op het bord en koos voor de Breyer-Variant, Zijn tegenstander weerlegde (precies volgens het boekje) een foutieve reactie van Frans en won de a-pion. Door een onverwachte damemanoevre kreeg Frans het initiatief op de damevleugel en wit moest daar passief gaan verdedigen. Frans kon dameruil afdwingen en won tegelijk geforceerd een paard. Een matwending met zijn toren en twee paarden in een paar zetten zag hij helaas niet. Hij besloot echter de torens te ruilen maar gaf de wit koning daardoor gratis een snelle toegang tot zijn damevleugel. Hij had zijn paard niet terug moeten offeren tegen de vrijpion op b6 maar later op b8 en had dan een gemakkelijk gewonnen eindspel gehad. Nu was de stelling min of meer gelijk! Daarop deed zijn tegenstander zowaar een onjuiste winstpoging en dat had hem meteen fataal moeten worden. Fans reageerde fout met 58..Kf8 in plaats van 58.. Kf6 en daardoor verloor hij de partij in plaats van alsnog te winnen. 3-3 dus in plaats van 4-2.

In een rustige partijopzet liet Henk van der Scheer met wit de ruil van een zwart paard tegen de witte loper op d3 toe. Wit sloeg met de c-pion terug en verkreeg hierdoor een comfortabele controle over het centrum. Een “nasty” penning op de b4-pion met de zwarte Dame op b5 en de witte Dame op b3 deed het tij keren. Uiteindelijk leidde het tot pionverlies en een lelijke verstoring van wits positie. Nadat wit zijn stelling weer onder controle had gekregen, bleek hij twee pionnen achter te staan. Het leek wel even spannend te worden maar zwart liet het punt niet los. Een 4-3 achterstand dus.

Na een niet erg geslaagde opening werd Folkert Geertsma met zwart door een sterk loperpaar in de verdediging gedrongen. Uiteindelijk was afwikkeling naar een toren eindspel met een pion minder niet te vermijden. Taai verdedigen en hopen op een fout van de tegenstander was het enige dat hij kon doen. Die fout kwam op zet 58. Maar in de toen ontstane remise stelling van K+T tegen K+T+p kon hij toch echt niet voldoen aan de wens van zijn teamgenoten, winnen. Remise dus en een 4,5-3,5 nederlaag. Er had meer ingezeten maar helaas. Volgende keer beter.